Een fotovoltaïsch zonnepaneel is samengesteld uit zonnecellen, dunne plaatjes meestal gemaakt van silicium, die ongeveer 22% van het zonlicht omzetten in gelijkstroom. Een omvormer zet vervolgens de gelijkstroom om in wisselstroom die bruikbaar is voor huishoudelijke toepassingen.
Een fotovoltaïsche installatie of PV-installatie produceert elektriciteit op basis van gratis zonne-energie, ook wel "zonnestroom" genoemd. Als je een PV-installatie hebt, is het aan te raden om je stroomoverschotten op te slaan in een thuisbatterij, zodat je je zelfopgewekte zonnestroom later kunt gebruiken.
Sinds 2025 wordt voor de eis m.b.t. het minimumaandeel hernieuwbare energie voor nieuwbouw in Vlaanderen alleen nog gekeken naar de eigen productie via thermische en fotovoltaïsche zonne-energiesystemen, dus via zonneboilers en zonnepanelen. Via deze zonne-energiesystemen moet een nieuwbouwwoning minstens 15 kWh/m² aan hernieuwbare energie voorzien.
Kies je uitsluitend voor zonnepanelen om aan de eis voor hernieuwbare energie te voldoen, dan moet de installatie voldoende elektriciteit produceren om minstens 15 kWh/m² hernieuwbare energie per jaar te leveren.
Voor een gemiddelde BEN-woning volstaat daarvoor meestal een relatief beperkte PV-installatie. In de praktijk wordt de installatie echter vaak groter gedimensioneerd om een groter deel van het eigen elektriciteitsverbruik af te dekken en optimaal samen te werken met andere technieken zoals een warmtepomp, warmtepompboiler, laadpaal of thuisbatterij.
Combineer je zonnepanelen met een zonneboiler, dan tellen beide systemen samen mee voor het behalen van de eis.